Op de weg van het oude Doel naar de sluis van Kallo schiet een vlucht vogels uit het slik tevoorschijn. Ik minder onbewust vaart, al was het maar om voor even de dans te kunnen vastleggen, die ongeschreven biologische wet waardoor vogels in een schier perfecte synchronisatie kunnen draaien, klimmen en weer dalen. Wat is het toch dat hen aanstuurt? Op het internet zie ik wel vaker filmpjes met duizenden spreeuwen, of wat zijn het, luid kwekkend en tjirpend terwijl ze een soort kudde vormen, een roedel, een ondoordringbaar fort. Ik moet dan altijd aan Hitchcock denken, maar deze vogels hebben geen kwaad in de zin. Ze willen hoogstens vermaken, speels en frivool als ze zijn. Op het rietveld grazen konikpaarden. Ik tel er vijf, zes. Het zijn eerder kleine dieren, met een beperkte schofthoogte en een vaalbruine, naar antraciet neigende kleur. Normaal komen ook Gallowayrunderen voor in het Rietveld van Kallo, maar die zie ik vandaag niet. En voor roerdompen en kiekendieven is het gewoonweg te koud en te bar, zo in het winterse open veld waar wolken vlieden als snelwandelaars.

Doel en Kallo en Prosperpolder en bij uitbreiding het hele grondgebied van Beveren dat zich ten noorden van de autoweg E34 bevindt, zullen we zeggen de wetlands van het Waasland, op de kaart is het een lappendeken van waterwegen en plasjes, een patchwork, dat deel dus is van oudsher het strijdtoneel tussen natuur, landbouw en industrie. We hoeven geen open deur in te trappen: als het niet om de dikke waterdamp van de nucleaire centrale gaat, dan word je wel door de ten hemel rijzende tentakels van de Kallosluis verblind. Op zich is dat een interessant gevecht: de haven van Antwerpen is een onderneming, en die is er per definitie niet op gebrand om op te roepen tot stilstand. ‘Toen mijn vader startte aan de landbouwschool, hij was twaalf jaar, werd hem al verteld dat de stiel geen toekomst had in dit deel van Oost-Vlaanderen.’ Aan het woord is Alexander Cerpentier, gastheer en landbouwer van de Arenberghoeve. We staan op het erf, zo ongeveer op het kruispunt van waar het woonhuis, de stal en de B&B elkaar raken. De zon streelt door het tarweveld en in de spiegel van een achteloze plas regenwater zie ik waar de dikke groeven van een tractorband eerder die dag het weiland hebben ingedeukt.

Het gaat erom met je neus in de wind te lopen, van de kleuren te genieten en schapen te zien grazen

De Arenberghoeve is ontegensprekelijk een ambitieus project en Alexander en Mireille zijn een koppel met stamina. Het gaat hier al lang niet meer om een simpel gastenverblijf, maar om een doordacht idee waarbij het terroir van het Waasland een belangrijke rol speelt. Alexander volgt zelfs een koksopleiding, want hij wil in 2021 een nieuwe bijbouw afwerken waar workshops kunnen worden gegeven, waar brood wordt gebakken en je leert hoe groenten en fruit echt horen te smaken. De kamers zijn ruim en comfortabel, met een rustieke toets die een vleug patine rondstrooit. Gasten kunnen in principe in een aparte zaal ontbijten, maar we hebben de woorden ‘in principe’ al te vaak gebruikt in 2020. ‘We zijn gewoon open,’ vertelt Mireille. ‘Dit is de absolute rust, de heilige stilte, de vleesgeworden fysieke afstand.’ De honderd-en-een-halvemetersamenleving, denk ik erbij, vrij naar het Nederlandse woord van het jaar. Waarom zou een mens in een drukke straat blijven als hij hier, in de polders, beschut door dijken en kale populieren de dag avond kan zien worden?

Ik hou van grenzen en grensgebieden, koester een – vergeef me – grenzeloze fascinatie voor grensvolk en hun leefwijze. Wie beslist waar je nog Vlaams spreekt en waar Nederlands? Gaat dat geruisloos over van de Hertog Prosperstraat in de Langestraat? Of is het een geleidelijke accentverschuiving van Waas naar Zeeuws? Aan de Radartoren zweeft een verzameling containers voorbij, het duurt een tijdje vooraleer ik ook het schip zie dat tot de rederij MSC behoort. Aan de overkant ligt het Verdronken Land van Saeftinghe, waar mijn leraar Nederlands uit het middelbaar zich liederlijk over uitliet. Hij was van Kieldrecht, dus enig chauvinisme was hem niet vreemd. Beide zijden hebben zich verenigd in het Grenspark Groot Saeftinghe en dat heeft een uitstekend toeristisch doel. Een website en allerlei pancartes vertellen je hoe en waar je moet wandelen, en wat je er kunt zien. Dat laatste is alles bij elkaar wellicht niet eens het belangrijkste. Het gaat erom met je neus in de wind te lopen, van de kleuren te genieten en schapen te zien grazen met het kerkje van Prosperpolder op de achtergrond. Plek om te verblijven: het überknusse B&B De Zilte Schorre, waar Dominique en het hondje Turbo me vergasten op hete, sterke koffie en een plakje Merci. Want dank je heet Merci. Ja toch?

Ik kijk hen na hoe ze gibberend over de plaveisels denderen

Ik rijd weer weg, langs de schapen, de paarden, de vogels en hun broedgebieden in slikken en schorren. Planeet Kallo doemt op, en dan de havenzones met hun vreemde cijfers van 6000 tot 9000 en weet ik veel nog meer. Grote vrachtwagens met opleggers schuiven geduldig aan en ik weet weer waarom ik doorgaans zoveel van die veelvraten op de E17 aantref. Na de middag klop ik aan bij B&B Euverbraeke in Melsele, een gebouw dat uit de 16eeeuw lijkt te dateren. ‘We denken dat de kelders sowieso nog origineel zijn,’ vertelt de uit charme opgetrokken gastvrouw Angelique. ‘Het huis is eigenlijk te groot voor die tijd. De Schelde kwam vroeger tot hier, en we vermoeden dat dit een opslagplaats was voor graan.’
In een stijlvolle dependance werden gastenkamers ingericht. Een bok dartelt door de afgesloten voortuin. Achteraan kijk ik in de ogen van hongerige vleesrunderen, ze houden me in de smiezen terwijl hun rasperige tong het voedsel van de grond schept. Dochter en een vriendinnetje beklimmen een alleterreinfiets, ik kijk hen na hoe ze gibberend over de plaveisels denderen. Het is allemaal goed zo, hier in het land van Waas. De meisjes giechelen, de vogels fladderen, de schapen mekkeren. Het is een mooie winterse dag als alle andere.

Door Toni De Coninck.

Wil je deze kerstvakantie of later logeren langs het wandelnetwerk van het Grenspark Groot Saeftinghe? Dan raden we je deze B&B’s aan:
B&B Arenberghoeve, Nieuw-Arenbergstraat 8, Kieldrecht (Beveren), 0476/31.88.10
B&B De Zilte Schorre, Oostlangeweg 2, Doel (Beveren), 0475/23.83.76
B&B Euverbraeke, Brielstraat 83, Melsele (Beveren), 0472/44.58.11

Meer info over het Grenspark vind je via deze link.
Meer weten over recreatie in de haven zelf? Check havenland.be.
Takeaway? Dat kan bijvoorbeeld bij Den Ouden Hof.
Algemene info over het Waasland lees je via deze link.