Het is niet de eerste keer dat ik deze column pen vanop mijn dakterras. En dus ook niet de eerste keer dat ik dit doe met een adembenemend zicht op zee. Toch is het anders dan anders. Want het is wél de eerste keer dat diezelfde azuurblauwe streep aan den einder onbereikbaar voor me is. Niet dat het strand plotsklaps veel verder ligt dan anders, dat zou wat zijn. Nee, la playa is op dit ogenblik figuurlijk onbereikbaar. Ik zit immers net als een groot deel van de rest van de wereld in lockdown wegens Jeweetwel-19. En in tegenstelling tot een gelukkig veel kleiner deel van de wereld betekent een lockdown in Ibiza echt wel #injekotblijven.
Ik zou het gerust kunnen proberen, hoor, dat strand bereiken. De kans dat ik op die pakweg 700 meter naar het voor mij dichtstbijzijnde van de 56 baaien die dit eiland telt, betrapt wordt, is futiel. Wij wonen namelijk in het noordoostelijke punt van Ibiza, een vergeten hoek die enkel in het drukke hoogseizoen wat opleeft. Met amper één straat – die o cliché doodloopt op het strand – geflankeerd door een dozijn huisjes, een verlaten hotel en twee – nee, verschoning: drié – even desolate restaurantjes is dit het spreekwoordelijke gat van Pluto. El culo del mundo, zeggen ze hier. Geen Guardia Civil-agent die het nodig vindt om hier post te vatten om passanten en auto’s te controleren. Denk ik.
Ik wil het hoedanook niet weten noch wagen, want een boete van 3.000 euro omdat een flik van mening is dat je onterecht #uitjekotkomt is in deze economische nultijd echt te vermijden. Gelukkig is het zicht op zee wel toegestaan. En bovendien gratis, dus we klagen niet. Al zeker niet omdat ik als alpacaboer wel de toelating heb om #uitmijnkottekomen om mijn wollige viervoeters te gaan voederen op onze boerderij. Die ligt trouwens ook op pakweg 700 meter van ons huis, maar dan naar de andere kant. En zo kent u meteen mijn fysieke actieradius van de voorbije maand. Mijn sociale roamingzone was louter fysiek bekeken overigens niet veel groter: de enige levende wezens die ik sinds het ingaan van de lockdown heb gezien, zijn de 81-jarige boerin-op-rust Maria, die op onze boerderij woont, haar hondje Niko en onze vijf alpaca’s. O ja, en natuurlijk mijn fantastische wederhelft die míop tijd en stond voedert.

We waren gewoon niets meer of minder dan de Harry & Meghan van het internet!

Edoch, ik klaag wederom niet, want ironisch genoeg heb ik net in deze quarantaineperiode mijn kennissenkring flink uitgebreid. Online weliswaar, in de diverse Facebook- en Whatsapp-groepen van opgesloten Ibiza-inwoners. Zo heb ik nu dagelijks contact met mijn nieuwe vrienden Martin, Justus, Tricia en Madeleine, die ons elke ochtend via de speciaal daarvoor opgerichte Facebookgroep op de hoogte houden van de eventueel aangepaste lockdownregels en de officiële ziekte- en sterftecijfers op het eiland. Ik geef toe: er zijn gezelliger omstandigheden om elkander te leren kennen – op een bereikbaar strand, ik zeg maar wat – maar kom, het brengt toch wat, euh, leven in de quarantainebrouwerij.
In een iets intiemere Whatsappgroepje vertellen we onder vrienden en kennissen waar we ons elke dag onledig– en na een week of twee werd dat: op de been – mee houden. Het is in deze groep dat mijn halve trouwboek en ik al snel een protagonistenstatus verwierven. Wat zeg ik: we waren gewoon niets meer of minder dan de Harry & Meghan van het internet! Daar waar de meeste dames zelden verder kwamen dan een zelfgenaaid mondmasker van een versleten keukenhanddoek, scoorde mijn weefwijfje orgastische lofkreten met haar nieuwste alpacawolcreaties op haar weefgetouw. En terwijl de heren fier als een Duits geweer salvo’s aan foto’s van hun terrasbarbecues en moestuinescapades afvuurden – “Kijk eens naar mijn ajuinen!” – schoot ik tot mijn eigen verbazing vorige week de hoofdvogel af.
Op een goede drie weken tijd timmerde ik namelijk een volledige picknicklounge in mekaar op de boerderij. Wie mij kent, is nu wellicht van zijn stoel gevallen. Ik ben immers niet enkel linkshandig, maar dúbbel linkshandig. Het laatste – en bij nader inzien énige – dat ik ooit in mekaar timmerde, was een houten boekstaander. Een goede 36 jaar geleden, op mijn 12de, in de les Technische Opvoeding in het eerste middelbaar. En het ding brak gewoon in twee toen ik er Pietje Puk Gaat Skiën tegenaan zette.
Maar kijk, zo’n quarantaine doet blijkbaar toch iets met een mens, want toen ik achterin Maria’s oude stal drie paletten, twee oude bestofte deuren en een stapel oud hout vond, was ineens de ambitie daar. Eureka. Gewapend met een hamer, een tournevis, een boormachine en alle schroeven en vijzen die ik kon vinden, begon ik eraan.
Het werd een ware calvarietocht vol gevloek, splinters, platte duimen en nog meer gevloek. Maar met succes. De oude deuren werden respectievelijk een tafel en een toog, de paletten een ‘buitenkeuken’, een decennia oude rieten omheining kreeg een nieuw leven als zonnedak op de ‘pergola’, die ik met vier palen die ik overhad van de omheining van onze wei bouwde. Toegegeven, de deurtafel van poten voorzien was een uitdaging. Ik zou nog altijd niemand aanraden er een dansje op te wagen, maar ze staat recht, mijn buitentafel. En mijn opus magnum, mijn bloedeigen toog, doorstond voorlopig ook de crashtest door niet in elkaar te stuiken toen ik er een volle pint op plaatste. Het resultaat leverde me in ons whatsappgroepje zoveel juichkreten en lofgezangen op dat ik een carrièreswitch naar carpinteria overweeg. Al blijft het bang afwachten op het eerste lentebriesje…

Hotdogworsten doorprikken met spaghettistaven en vervolgens in de kookpot keilen.Geniaal!

Lang zat ik evenwel niet op de digitale doe-het-zelftroon, want twee dagen geleden kwam mijn Ierse maat Harvey met een nóg straffere stoot. Nadat die heel Netflix uitgekeken had en door zijn vriendin Victoria passief agressief gedwongen werd tot deelname in het huishouden, vond Harvey er niets beter op dan zich als een neuroot te gaan verdiepen in de vergeten schat van de bezemkast: de hulpstukken van de stofzuiger. Fier als een gieter kwam hij aanzetten met een exhaustieve wetenschappelijke studie over de functies en werking van de Draaibare Plumeau met Paardenhaar, de Telescoopbuis, de Flexibele Radiatorborstel, de Pistoolgreep en – zijn én onze onbetwiste favoriet – de Universele Zuigmond. De reacties onder de mannen van onze knutselkring waren extatisch: “Hats off, sir!”, “Tú eres mi héroe!!!” en ook “Eire: twelve points!”. Slechts één vrouw reageerde op Harvey’s heldendaad: “Poor Victoria…

In een andere digitale leeskring genaamd Ibiza Cookdown – ja, ze durven hier al eens gewiekst #uitdehoekkomen – geniet ik dan weer dagelijks van de culinaire hoogstandjes van mijn lotgenoten Charlie, Jamie, Leah, Claire en Antonio. Net zoals ik zijn ze keukenklunzen pur sang en dus is het elke dag weer smullen van hun mislukte kookexperimenten die ze allerminst gespeend van enige vorm van zelfspot als echte sterrenchefs-van-den-Aldi schabouwelijk etaleren op hun Ikeaborden.
Vielen unaniem in de smaak: de Koude Tomatensoep Met Vodka (ook wel Bloody Mary genoemd), de Slowly Cooked Veggie Stew Deluxe (een hoop ongesneden groenten in veel te veel water urenlang laten uitkoken) en mijn persoonlijke favoriet: de Weener Pasta. Het bijzonder complexe recept van Cookdown-sterrenchef Charlie voor deze laatste gastronomische hoogvlieger: hotdogworsten doorprikken met spaghettistaven en vervolgens in de kookpot keilen. Geniaal!
Maar er worden in onze digitale kookklas ook wereldmaatschappelijke knopen ontward, vergis u niet. Toen Deborah vroeg wat ze met haar wijnrestjes kon bereiden, kwam Ricardo met het ultieme reddingsrecept: “Open bottle, insert in mouth.” Mijn Britse maat Nick trok dan weer de culinaire doos van Pandora open door Het Myserie van het Zelfrijzende Deeg op de virtuele tafel te smijten. “Wat betekent levadura in het Spaans? Is dat gist? Bakpoeder? Of een combinatie van beide? En wat voeg je bij harina de trigo? Want dat is toch bakbloem, niet?” Hij voegde eraan toe dat de keukenheld die met de gouden tip kwam zijn eerdere pogingen tot zelfgebakken brood gratis kreeg om een atoombunker mee te metselen.

En zo helpen al die nieuwe Ibiza-vrienden me dus door deze netelige situatie, hier in el culo del mundo. Wie weet schrijf ik mijn volgende column wel vanop mijn picknicklounge.

Ontdek nog meer artikels over ...